?-> Toen de opleiding nog geen tien laar geleden starte was het uitgangspunt duidelijk. Een opleiding voor regionaal talent ten dienste van het regionale bedrijfsleven. Een einde aan “je-moet-naar-Eindhoven”. Nu lees en hoor ik steeds meer over internationalisering. Hoe zit dat?
!<- Er is niets verandert aan het uitgangspunt. Het draait nog steeds om regionale studenten en regionale bedrijvigheid. Let op; bedrijvigheid is iets anders dan bedrijven.


?-> Hoe bedoel je?
!<- Een bedrijf heeft een vestigingsplek, een basis. De bedrijvigheid kan losstaan van die basis. Vaak (traditioneel) werken bedrijven voor klanten-in-de-buurt. En daar is niks mis mee. Maar in de tijd dat de opleiding draait heeft het team gezien dat steeds meer bedrijvigheid grenzeloos is. Uiteraard begint dit met internet en web-design. Ex-studenten hebben klanten in Singapore en zo. En daar is ook niks mis mee.


?-> Geldt dit alleen voor web-gebaseerde communicatie uitingen?
!<- Daar begint het mee. Maar waarom moeten we daar stoppen? We zitten notabene letterlijk tussen Duitsland en België. Zitten we dan klem? Of is het een super-kans? Naar mijn idee zitten we zeker niet klem. Juist als onderwijs moeten we de paden openen naar een andere toekomst, dat grenzeloze Europa. Daarom is het belangrijk dat we onze studenten opleiden met het idee dat grenzen vervagen. Zowel in denken, creativiteit als in mogelijkheden. Als dat is wat we al opleiding in de regio uitzaaien zullen bedrijven vanzelf die weg volgen, onder leiding van onze pioniers.


?-> Lekker vaag. Wat is internationalisering voor jou dan binnen de MBO-opleiding Mediavormgeving?
!<- Je hebt verschillende activiteiten die verschillende gradaties van internationalisering in zich hebben. Bijvoorbeeld een excursie naar een relevant museum in Keulen of Antwerpen. Dan gaan alle studenten mee. Oke, ééntje blijft thuis omdat er een aanslagdreiging is of zo. Dat kan, je mag bang zijn als dat jouw wereld is. Voor de rest is het even er tussenuit. Het buitenland voelt toch anders dan moeders pappot en ik heb nog nooit gehoord dat het niet “leuk” was. Niet spectaculair, maar wel altijd “leuk”.
Later in de opleiding wordt dit groter. Een week in Berlijn. Intensief, een ervaring die je niet zomaar vergeet. Zo is het opgezet en zo krijgen we het ook terug van de studenten. WOOOW!
Of een internationale stage. Los van pap en mam, je eigen boontjes doppen en nieuwe maatschappelijke structuren tegenkomen en onderzoeken. Jezelf afmeten tegen internationale omgangsvormen en gebruiken. Hoe flex ben je eigenlijk? Hoe goed begrijp je  “de XXXX-landers”? En voor de medianormgever vooral: “hoe communiceer je met deze voor jou vreemde doelgroepen?”


?-> Hoe doe je dat dan? Want het is niet moeilijk om enkele bezwaren op te noemen zoals geld, mogelijkheden, ouders, of misschien heeft de student er wel geen behoefte aan. Dus, hoe moet dat dan?
!<- Klopt allemaal. Te beginnen met het laatste, misschien ziet de student het niet zitten. Moet het dan toch? Nee, zeker niet. Niet doen zelfs. Voor de rest zijn er oplossingen. Geld krijg je via Erasmus (Arcus-goes-international), niet dekkend, maar wel behoorlijk. Met ouders kun je praten. Daar zijn we docenten voor. Eigenlijk kan alles. Als je het maar bespreekt is er altijd een mogelijke oplossing.


?-> Maar wat brengt het nu op, werkelijk?
!<- Veel. Heel veel. En heel verschillend. Voor sommige studenten is het een stap in een verwerkingsproces en voor hen erg nodig. Voor een ander is het naast een uitbreiding van vakkennis een taalcursus++ en een netwerk. Maar ook verdieping op terreinen van ons vak die binnen de grenzen niet of moeilijk te vinden zijn. Internationalisering is vooral maatwerk. Daarom hoort het ook thuis in een top-opleiding. Want “top” betekent vooral individueel afgestemd, op maat.


?-> Dus voor wie wil een waardevolle aanvulling op de opleiding.
!<- Daar begint het mee. Maar er hangt meer aan vast. Als de studenten internationaal gaan, moet het team volgen. En voor docenten geldt hetzelfde, maatwerk. Naar kunnen (mogelijkheden) en behoefte kunnen docenten aansluiten op de bewegingen van studenten of zelf initiatieven ontplooien. Nieuwe ervaringen, nieuwe inzichten opdoen. Als je van huis bent, gaan je poriën open en kruipt een fris elan de ziel in. Of zoals de Duitsers zeggen, Begeisterung! En dat heeft een team nodig om geen suffe zooi te worden.


?-> Mooie afsluiter. Dus voor de studenten kan het, maar voor de docenten moet het 😉
!<- Nee. Voor de individuele studenten kan het, voor het team moet het. Maar de individuele docent is niets verplicht, net zoals de individuele student niets verplicht is. Maatwerk, weet je nog?